Display

Display

Op het display worden schermen weergegeven voor kopiëren, scannen en andere functies, plus de schermen voor het opgeven van instellingen voor deze functies. U kunt het display ook gebruiken om foutberichten en de communicatiestatus van het apparaat te bekijken.

Het scherm <Start>

Het scherm <Start> wordt weergegeven wanneer u het apparaat inschakelt of als u op het bedieningspaneel op drukt. Met de knoppen op dit scherm kunt u functies oproepen. U kunt knoppen aan het scherm Start toevoegen of eruit verwijderen. U kunt de knoppen ook herordenen om ze gemakkelijker in het gebruik te maken.
De indeling van het scherm Start
Het scherm bestaat uit maximaal vijf pagina's, waarop standaard de volgende knoppen worden weergegeven. U kunt naar een andere pagina gaan door op  te tikken of met uw vinger over het display te slepen/vegen. Wanneer u op een knop op het scherm Start tikt, wordt het scherm voor het activeren van de corresponderende functie weergegeven.
U kunt niet naar een ander pagina gaan door te tikken op het symbool  dat de reeks pagina's van het scherm Start aanduidt.
 Functieknoppen
Tik op een van deze knoppen om te kopiëren, te faxen, te scannen of af te drukken vanaf een USB-geheugenapparaat.
 <Adresboek>
Tik hierop om een lijst van de bestemmingen in het adresboek weer te geven. Opslaan in het adresboek
 <Menu>
Als u hierop tikt, ziet u een menu met de instellingen die beschikbaar zijn voor het apparaat. Overzicht van menuopties
 <Beveiligde afdruk>
Tik hierop als u beveiligde documenten begint af te drukken. Een document afdrukken dat is beveiligd met een pincode (beveiligd afdrukken)
 <Papierinst.>
Hiermee opent u een scherm voor het opgeven van papierinstellingen. Papier plaatsen
 <Instell. startscherm>
Hiermee opent u een scherm voor het aanpassen van het scherm Start. Het scherm Start aanpassen
 <ID-kaart kopie>
Als u hierop tikt, worden instellingen weergegeven voor het kopiëren van de voor- en achterzijde op één vel papier. Beide zijden van een identiteitsbewijs op één pagina kopiëren
 <Favoriete kopieerinstellingen>
 <Favoriete faxinstellingen>
 <Favoriete scaninstellingen>
Hiermee kunt u veelgebruikte instellingen voor de functies Kopiëren, Fax en Scannen weergeven. <ID-kaart kopie> is vooraf opgeslagen als <Instellingen 1>. Veelgebruikte kopieerinstellingen opslaan
Het scherm <Statusmonitor>
Wanneer u op drukt, verschijnt er een scherm waarmee u de status kunt controleren van documenten die worden afgedrukt, verzonden of ontvangen. Ook kunt u hier de status van het apparaat zien, bijvoorbeeld hoeveel toner er nog in de cartridges zit of informatie over de netwerkinstellingen zoals het IP-adres van het apparaat.

<Foutgegevens/melding>

Hiermee kunt u gegevens bekijken van fouten die zijn opgetreden of van onderhoud dat moet worden uitgevoerd. Er wordt een foutbericht weergegeven

<Apparaatstatus>

Hiermee kunt u de status van de machine weergeven, zoals de resterende hoeveelheid papier of toner.
<Papierinformatie>
Druk hierop om informatie weer te geven over de verschillende papierbronnen.
<Tonerniveau>
Hiermee wordt de resterende hoeveelheid toner aangegeven.
<Geheugenmedium verwijderen>
Kies deze optie om op een veilige manier een aangesloten USB-geheugenapparaat los te koppelen. Afdrukken vanaf een USB-geheugenapparaat (afdrukken via geheugenapparaten) Documenten rechtstreeks scannen naar een USB-geheugen
<Geheugengebruik beveiligde afdruk>
Hiermee kunt u controleren hoeveel geheugen er wordt gebruikt voor het opslaan van beveiligde documenten. Een document afdrukken dat is beveiligd met een pincode (beveiligd afdrukken)
<Tonerafval>
Hiermee kunt u de status van de container met afvaltoner nagaan.

Status van kopieer-, afdruk-, verzend- en ontvangsttaken

Hiermee geeft u de huidige status van het geselecteerde item weer. Hieronder ziet u het scherm <Status kop./afdrukopdr.> als voorbeeld.

<Netwerkinformatie>

Hiermee kunt u de netwerkinstellingen weergeven, bijvoorbeeld het IP-adres van het apparaat.
Er wordt een bericht weergegeven
Berichten worden boven aan het scherm weergegeven, bijvoorbeeld als het papier op is of er bijna geen toner meer is. Het display toont dan afwisselend het gewone scherm en het bericht.
Wanneer <U hebt meldingen.> of <Tik op pictogram rechts ->> wordt weergegeven
Tik erop om de melding te bekijken.
Er treedt een fout op
Als er een fout optreedt, worden er soms instructies weergegeven voor het oplossen van de fout. Volg in dat geval de aanwijzingen op het scherm om het probleem op te lossen. Hieronder ziet u bijvoorbeeld het scherm dat verschijnt als er papier is vastgelopen (Er wordt een foutbericht weergegeven).
0SJY-00E